Gelukspijlers

1Er is ruimte voor de autonomie en de eigenheid van het kind en de leraar

Binnen de school krijgen kinderen en leraren de ruimte om hun zelfstandigheid en zelfredzaamheid te ontwikkelen. Er is ruimte voor eigen inbreng en eigen keuzes en het dragen van verantwoordelijkheid.

2De leraar is persoonlijk meester

De leraar is zich bewust van zijn rol als opvoeder, instructeur, begeleider en coach. Hij heeft zicht op de functies van het onderwijs en weet hoe hij deze functies kan vervullen vanuit zijn vakkennis, pedagogische en vakdidac-tische interventies en als persoon. De leraar blijft een leven lang leren door in dialoog te gaan met anderen, zich bewust te zijn van zijn rol en kan zijn handelen verantwoorden.

3De school is een lerende omgeving

Kinderen worden aangesproken op hun talenten, zodat ze zich kunnen ontwikkelen op hun eigen niveau. Daarbij is er naast instructie ook ruimte voor afwisselende werkvormen in een uitdagende en krachtige leeromgeving in en om de school.

4Er heerst een sfeer van rust, ruimte en duidelijkheid

Zowel op school als in de klas heerst er een rustige en ordelijke sfeer en is er voldoende ruimte om te bewegen, zowel binnen als buiten de klas. Leraren, kinderen en ouders zijn samen verantwoordelijk voor het creëren van deze sfeer. Iedereen weet wat we van elkaar kunnen verwachten.

5Verbinding en gezamenlijkheid

Er wordt op een serieuze en respectvolle manier een relatie aangegaan tussen kinderen, leraren en ouders, waarbij er sprake is van een wederzijdse verantwoordelijkheid. Om de verbinding te versterken wordt aandacht besteed aan gezamenlijkheid door tijd te besteden aan vieringen, groepsactiviteiten en van en met elkaar leren.

6Iedereen wordt gezien en gehoord

Kinderen, leraren en ouders hebben oog voor elkaar. Er is ruimte voor persoonlijke aandacht en waardering van en voor elkaar.